Omdat de blog meer gelezen werd dan ik ooit kon vermoeden, mocht er wel wat aan gesleuteld worden!
Vanaf nu vind je mijn verhaal verder op: www.everythingandmore.be
Daar kan je intekenen om via e-mail op de hoogte gehouden te worden van nieuwe posts. Of word fan van de Facebookpagina!
Ik zie jullie daar!
Groeten
Josfien
Een mamablog* met een sterretje. Over vallen en weer opstaan. Het plezier in elke dag.
woensdag 26 november 2014
maandag 17 november 2014
Kunstendag voor Kinderen
Gisteren was het Kunstendag voor Kinderen, een dag waarop je samen met je familie voordelig kunst kunt beleven. Ook in Ieper in het Perron konden klein en groot heel wat cultuur snuiven. Je kon er knutselen, lezen in een supergezellige snoezelbibliotheek en er was ook theater op maat van de allerkleinsten.
Die schop onder mijn kont- waarover ik het in mijn vorige post had-, zorgt ervoor dat ik mijn moederlijke vermoeidheid nu en dan verbijt en uit mijn zetel rabbel. Zo maakten Vasco en ik zondag een tamboerijn. Twee kartonnen borden, wat plakband, verf, rijst en je bekomt een gepersonaliseerd muziekinstrument!
Eigenlijk hoeft het absoluut niet altijd bombastisch om leuk en betoverend te zijn. Zo zagen we ook de voorstelling 'De koning zonder schoenen' van 4HOOG. In een pittoresk gecreëerde tent van majestueuze tapijten en een op Margritte geïnspireerd decor, keken we hoe een koning afscheid moest nemen van zijn allermooiste koninklijke gouden schoenen. Wenen dat die koning deed, zakdoeken vol. Bleken er uiteindelijk muisjes in zijn gouden paar te wonen en die hadden zelfs een zwembad! Een verhaal over echte rijkdom, liefde en loslaten. Moeder en zoon waren allebei betoverd en dat voor vijf euro.
Omdat het Studio 100-gehalte zowat overal genoeg binnenkomt, zijn de theaterproducties als deze een echte aanrader! Ook ik dacht dat Vasco nog te klein zou zijn om zoiets gepast te kunnen volgen. Niks van dus! Dit seizoen zijn er trouwens nog twee gelijkaardige familievoorstellingen (3+) te zien in het Perron. Meer info vind je op hun site.
Iemand nog tips als deze?
Die schop onder mijn kont- waarover ik het in mijn vorige post had-, zorgt ervoor dat ik mijn moederlijke vermoeidheid nu en dan verbijt en uit mijn zetel rabbel. Zo maakten Vasco en ik zondag een tamboerijn. Twee kartonnen borden, wat plakband, verf, rijst en je bekomt een gepersonaliseerd muziekinstrument!
Eigenlijk hoeft het absoluut niet altijd bombastisch om leuk en betoverend te zijn. Zo zagen we ook de voorstelling 'De koning zonder schoenen' van 4HOOG. In een pittoresk gecreëerde tent van majestueuze tapijten en een op Margritte geïnspireerd decor, keken we hoe een koning afscheid moest nemen van zijn allermooiste koninklijke gouden schoenen. Wenen dat die koning deed, zakdoeken vol. Bleken er uiteindelijk muisjes in zijn gouden paar te wonen en die hadden zelfs een zwembad! Een verhaal over echte rijkdom, liefde en loslaten. Moeder en zoon waren allebei betoverd en dat voor vijf euro.
Omdat het Studio 100-gehalte zowat overal genoeg binnenkomt, zijn de theaterproducties als deze een echte aanrader! Ook ik dacht dat Vasco nog te klein zou zijn om zoiets gepast te kunnen volgen. Niks van dus! Dit seizoen zijn er trouwens nog twee gelijkaardige familievoorstellingen (3+) te zien in het Perron. Meer info vind je op hun site.
Iemand nog tips als deze?
zondag 16 november 2014
Taal zonder mij
Onlangs las ik een van mijn lievelingsboeken opnieuw: 'Taal zonder mij' van Kristien Hemmerechts. Hierin vertelt ze over haar leven met en de dood van haar man en grote liefde Herman Deconinck. Tevens ook een beetje mijn grote liefde als het poëzie betreft. In het boek herleest de weduwe zijn gedichten en probeert daarbij een beeld op te hangen van zijn persoonlijkheid. Zo'n tien jaar geleden las ik dit voor het eerst. Wat doet het gek om nu te ervaren hoe ik zo hard veranderd ben. 't Is waar dat literatuur je een spiegel voorhoudt en een verhaal vaak is wat je er als lezer van maakt.
Hemmerechts verloor twee pasgeborenen. Twee, dat is dubbel zoveel verdriet lijkt me. Al de hele week lig ik wakker van wat ze daarover schrijft. Het meest kwetsende wat iemand haar ooit zei was dat de dood van haar kinderen haar een onderwerp gaf om over te praten. Die zin ging hier door merg en been en blijft me geweldig achtervolgen. Wellicht omdat ik bang ben dat men mij dat ook verwijt. Alsof ik daar überhaupt voor zou kiezen, maar toch. Hemmerechts en haar man besloten dat er dan ook twee groepen mensen zijn. Zij die de dood hebben gekend en al de rest.
Omdat ik me vooral niet wil verliezen in het onderwerp van mijn eeuwige verdriet, dacht ik na over deze blog en wat het met mij doet. De blog is ontstaan als communicatieluik met de buitenwereld toen ik dag in dag uit in een zetel bij een couveuse zat te waken (zo bleek later toch). De blog was en is nog steeds een heler. Wat ik schrijf, valt van me af.
Misschien kan de blog ook anders helen. Onlangs gaf ik mezelf het Blogboek van Kelly Deriemaker cadeau. Op bladzijde 21 had ze me al bij mijn nekvel vast. Waarom een blog beginnen het beste is wat je vandaag kunt doen? Ik citeer twee redenen die mij overtuigen om mijn blog beter uit te bouwen en vooral wat vaker te gaan schrijven:
1) Je blog is een reden om iets van je leven te maken. De deur achter je dicht trekken en op zoek te gaan naar onderwerpen. Aha! Hoe meer ik beleef, hoe ruimer mijn blog kan worden. Al blijft het een mamablog met een sterretje. Maar die schop onder mijn kont kan ik goed gebruiken.
2) Bloggen zorgt voor zelfreflectie. Beseffen waar je vandaan komt en waar je naartoe wilt.
Ik heb er zin in en zit vol inspiratie! Schrijven zorgt er immers ook voor dat mijn hersenen zich niet volledig op non-actief zetten. Pampertjes, badjes, knuffeltjes, wandelingetjes, wasjes en plasjes. Allemaal goed en wel, maar deze dertigjarige zal ook goed voor zichzelf zorgen!
Hemmerechts verloor twee pasgeborenen. Twee, dat is dubbel zoveel verdriet lijkt me. Al de hele week lig ik wakker van wat ze daarover schrijft. Het meest kwetsende wat iemand haar ooit zei was dat de dood van haar kinderen haar een onderwerp gaf om over te praten. Die zin ging hier door merg en been en blijft me geweldig achtervolgen. Wellicht omdat ik bang ben dat men mij dat ook verwijt. Alsof ik daar überhaupt voor zou kiezen, maar toch. Hemmerechts en haar man besloten dat er dan ook twee groepen mensen zijn. Zij die de dood hebben gekend en al de rest.
Omdat ik me vooral niet wil verliezen in het onderwerp van mijn eeuwige verdriet, dacht ik na over deze blog en wat het met mij doet. De blog is ontstaan als communicatieluik met de buitenwereld toen ik dag in dag uit in een zetel bij een couveuse zat te waken (zo bleek later toch). De blog was en is nog steeds een heler. Wat ik schrijf, valt van me af.
Misschien kan de blog ook anders helen. Onlangs gaf ik mezelf het Blogboek van Kelly Deriemaker cadeau. Op bladzijde 21 had ze me al bij mijn nekvel vast. Waarom een blog beginnen het beste is wat je vandaag kunt doen? Ik citeer twee redenen die mij overtuigen om mijn blog beter uit te bouwen en vooral wat vaker te gaan schrijven:
1) Je blog is een reden om iets van je leven te maken. De deur achter je dicht trekken en op zoek te gaan naar onderwerpen. Aha! Hoe meer ik beleef, hoe ruimer mijn blog kan worden. Al blijft het een mamablog met een sterretje. Maar die schop onder mijn kont kan ik goed gebruiken.
2) Bloggen zorgt voor zelfreflectie. Beseffen waar je vandaan komt en waar je naartoe wilt.
Ik heb er zin in en zit vol inspiratie! Schrijven zorgt er immers ook voor dat mijn hersenen zich niet volledig op non-actief zetten. Pampertjes, badjes, knuffeltjes, wandelingetjes, wasjes en plasjes. Allemaal goed en wel, maar deze dertigjarige zal ook goed voor zichzelf zorgen!
maandag 27 oktober 2014
Ellis!
Dinsdag 16 september 2014 om 16.58u. komt onze derde zoon Ellis ter wereld.
Het gehuil dat zich vrijwel meteen meester maakte over de verloskamer, is by far het mooiste geluid dat ik ooit heb mogen horen. Zijn geur en zijn spartelende lijfje op het mijne, met al mijn voelsprieten heb ik dat opgeslagen. Mijn laatste bevalling was geen trauma en dat is een godsgeschenk.
De tijd in het moederhuis heb ik em bijna non-stop bekeken, gesnoven en geknuffeld. Geen of weinig bezoek, wat de eerste momenten met dat kleine wondertje alleen maar ten goede komt. Regisseur van mijn kraamtijd, dat had ik heel goed geleerd en begrepen.
De roze wolk is er en ik zit er heerlijk op te soezen. Al waaien er al voorzichtig wat donderwolken in de verte voorbij. Ondertussen geniet ik. Echt, ik geniet zo keihard.
Ik heb nu twee* kindjes. In het meervoud spreken, dat is zo speciaal en precies nog een beetje fictie soms. Natuurlijk ben ik ook verschrikkelijk moe van de onderbroken nachten. Maar niks weegt op tegen de stilte van 2013. Wat een geluk ook dat Ellis een rustige, tevreden baby is. Opnieuw ben ik dankbaar. Ik begrijp dat non-stop gehuil verschrikkelijk is en ik besef ook heel erg dat een huilbaby de hel kan zijn. Maar voor mij, in mijn crib, is dat gehuil het beste wat me kon overkomen.
Met Ellis in huis, is ook Scott opnieuw erg aanwezig. Scottje blijft voor altijd ons kleine baby'tje. Des te pijnlijker is het nu om te zien wat hij allemaal niet kon en wat we allemaal hebben gemist. Toch, Scott gaf me zoveel. Hij heeft me zoveel geleerd op zo'n korte tijd.
In het laatste anderhalf jaar was niks evident. Trekken en sleuren aan de kar, maar ze gaat nog steeds vooruit. Ik prijs me erg gelukkig, want we zijn al te vaak slordig met ons geluk.
Ik besluit met de woorden van Guillaume van der Stighelen over het verlies van zijn zoon.
Je zoon Mattias is plots weggevallen, twee jaar geleden. Heb je dat een plaats kunnen geven?
GVdS: ‘Nee, zoiets geef je nooit een plaats. Het gat blijft. Plots word je wakker met een leven zonder dromen. De natuurlijke gang van zaken is: hopen, dromen, plannen en doen. Ineens klopt geen enkele droom nog. Dan pas voel je hoe sterk je kinderen verweven zitten in de constructie van je leven. Ineens is je leven zonder toekomst. En vreugde, zo veel jaren vanzelfsprekend, moet je zelf leren maken. “Het leven is gedaan, doe het licht maar uit”, dat gevoel overheerst. Ofwel blijf je daarin hangen en ga je in een hoekje liggen, ofwel begin je een nieuw leven.’
Het gehuil dat zich vrijwel meteen meester maakte over de verloskamer, is by far het mooiste geluid dat ik ooit heb mogen horen. Zijn geur en zijn spartelende lijfje op het mijne, met al mijn voelsprieten heb ik dat opgeslagen. Mijn laatste bevalling was geen trauma en dat is een godsgeschenk.
De tijd in het moederhuis heb ik em bijna non-stop bekeken, gesnoven en geknuffeld. Geen of weinig bezoek, wat de eerste momenten met dat kleine wondertje alleen maar ten goede komt. Regisseur van mijn kraamtijd, dat had ik heel goed geleerd en begrepen.
De roze wolk is er en ik zit er heerlijk op te soezen. Al waaien er al voorzichtig wat donderwolken in de verte voorbij. Ondertussen geniet ik. Echt, ik geniet zo keihard.
Ik heb nu twee* kindjes. In het meervoud spreken, dat is zo speciaal en precies nog een beetje fictie soms. Natuurlijk ben ik ook verschrikkelijk moe van de onderbroken nachten. Maar niks weegt op tegen de stilte van 2013. Wat een geluk ook dat Ellis een rustige, tevreden baby is. Opnieuw ben ik dankbaar. Ik begrijp dat non-stop gehuil verschrikkelijk is en ik besef ook heel erg dat een huilbaby de hel kan zijn. Maar voor mij, in mijn crib, is dat gehuil het beste wat me kon overkomen.
Met Ellis in huis, is ook Scott opnieuw erg aanwezig. Scottje blijft voor altijd ons kleine baby'tje. Des te pijnlijker is het nu om te zien wat hij allemaal niet kon en wat we allemaal hebben gemist. Toch, Scott gaf me zoveel. Hij heeft me zoveel geleerd op zo'n korte tijd.
In het laatste anderhalf jaar was niks evident. Trekken en sleuren aan de kar, maar ze gaat nog steeds vooruit. Ik prijs me erg gelukkig, want we zijn al te vaak slordig met ons geluk.
Ik besluit met de woorden van Guillaume van der Stighelen over het verlies van zijn zoon.
Je zoon Mattias is plots weggevallen, twee jaar geleden. Heb je dat een plaats kunnen geven?
GVdS: ‘Nee, zoiets geef je nooit een plaats. Het gat blijft. Plots word je wakker met een leven zonder dromen. De natuurlijke gang van zaken is: hopen, dromen, plannen en doen. Ineens klopt geen enkele droom nog. Dan pas voel je hoe sterk je kinderen verweven zitten in de constructie van je leven. Ineens is je leven zonder toekomst. En vreugde, zo veel jaren vanzelfsprekend, moet je zelf leren maken. “Het leven is gedaan, doe het licht maar uit”, dat gevoel overheerst. Ofwel blijf je daarin hangen en ga je in een hoekje liggen, ofwel begin je een nieuw leven.’
maandag 1 september 2014
Verlanglijstje
September 2014 wordt gewoon keihard de beste maand van het jaar! Dat moet wel.
Met onze D-day in zicht, begin ik nu toch heel hard te verlangen. Dromen en piekeren wisselen mekaar constant af. Tijd om het accent hier eens te leggen op de meest zweverige van de twee.
-O-, wat verlang ik... (houd u vast, er volgt echt een lijst!):
- ... naar het moment waarop ik 's morgens zorgeloos kan ontwaken. Mezelf richting het kleinste kamertje begeef (en niet waggel) om vervolgens te genieten van de eerste vijf minuten rust van de dag. Liefst zonder met mijn hoofd boven de pot te hangen, dat heb ik nu na bijna negen maanden echt wel gehad.
- ... om gewoon te kunnen eten. Eten lijkt nu vaak het redmiddel om niet om te vallen van de honger, ik vind het echt niet fijn om zoveel te eten tegen de honger. Klinkt wel gek he? 't Schijnt mijn stofwisseling te zijn en misschien ook wel dat ene chocolaatje te veel, zo nu en dan. Ik durf niet eens te zeggen welk cijfer er tegenwoordig op de weegschaal verschijnt.
- ... naar dat mooie jurkje in de etalage. Gedaan met windowshoppen. Een leuke jeans, een speelse gilet, schoenen! Sinds juni draag ik constant mijn 'Birki's' (thank God for them), de riempjes vroegen onlangs om een extra gaatje... ze begonnen door te scheuren. OMG! Bigfoot mama in town.
- ... naar Josfien in haar eigen lichaam. Echt waar, ik voel me een olifant. Fysiek, maar ook omdat een olifant een draagtijd heeft van bijna 22 maanden. Alsof ik sinds april 2012 zwanger ben, zo voelt het voor mij. Na Scotts geboorte en al zeker na zijn dood heb ik nooit de indruk gehad dat ik ontzwangerde. In mijn onderbewustzijn bleef die kinderwens gewoon heel erg bovendrijven, weet ik nu. Ik herinner me in de eerste maanden na zijn dood dat ik het erg moeilijk had met mijn lichaam. Het droeg alle sporen van een zwangerschap, maar er was geen baby meer. Daardoor kostte het me ook erg veel moeite om in dat jaar de focus op 'gezond en fit' te leggen. Alsof mijn lichaam het enige litteken was, het bewijs dat hij er echt was geweest.
- ... naar het gesmek en gehuil van een baby die honger heeft. Mijn baby. Mijn zoon.
- ... om alle 'ieniemieniekleertjes' te wassen, opnieuw en opnieuw! Ik heb nu een droogkast, laat maar komen!
- ... om het verlossende antwoordberichtje te krijgen. "Proficiat!! Yes, nooit meer zwanger nu!" Wat wens ik de zender van dat sms'je zo hard alle zwangerschapskwalen waar ik haar de laatste jaren mee bestookt heb toe. Met oneindig veel begrip en respect voor haar. Ze leerde me dat -nog geen moeder zijn- ook een verdomd lastig rouwproces is. Ik duim en bid en hoop!
- ... naar het verlossende gehuil. Wat ben ik bang, dat het uitblijft. Misschien hoor ik het zelfs niet, omdat ik zo in het moment vast zal zitten. En toch, laat maar komen!
- ... om bovenal terug gelukkig te zijn. Dat ben ik wel, maar ik ben niet gerust. Gewoon kunnen berusten in het gevoel compleet te zijn.
Al is compleet nooit echt nog compleet.
Met onze D-day in zicht, begin ik nu toch heel hard te verlangen. Dromen en piekeren wisselen mekaar constant af. Tijd om het accent hier eens te leggen op de meest zweverige van de twee.
-O-, wat verlang ik... (houd u vast, er volgt echt een lijst!):
- ... naar het moment waarop ik 's morgens zorgeloos kan ontwaken. Mezelf richting het kleinste kamertje begeef (en niet waggel) om vervolgens te genieten van de eerste vijf minuten rust van de dag. Liefst zonder met mijn hoofd boven de pot te hangen, dat heb ik nu na bijna negen maanden echt wel gehad.
- ... om gewoon te kunnen eten. Eten lijkt nu vaak het redmiddel om niet om te vallen van de honger, ik vind het echt niet fijn om zoveel te eten tegen de honger. Klinkt wel gek he? 't Schijnt mijn stofwisseling te zijn en misschien ook wel dat ene chocolaatje te veel, zo nu en dan. Ik durf niet eens te zeggen welk cijfer er tegenwoordig op de weegschaal verschijnt.
- ... naar dat mooie jurkje in de etalage. Gedaan met windowshoppen. Een leuke jeans, een speelse gilet, schoenen! Sinds juni draag ik constant mijn 'Birki's' (thank God for them), de riempjes vroegen onlangs om een extra gaatje... ze begonnen door te scheuren. OMG! Bigfoot mama in town.
- ... naar Josfien in haar eigen lichaam. Echt waar, ik voel me een olifant. Fysiek, maar ook omdat een olifant een draagtijd heeft van bijna 22 maanden. Alsof ik sinds april 2012 zwanger ben, zo voelt het voor mij. Na Scotts geboorte en al zeker na zijn dood heb ik nooit de indruk gehad dat ik ontzwangerde. In mijn onderbewustzijn bleef die kinderwens gewoon heel erg bovendrijven, weet ik nu. Ik herinner me in de eerste maanden na zijn dood dat ik het erg moeilijk had met mijn lichaam. Het droeg alle sporen van een zwangerschap, maar er was geen baby meer. Daardoor kostte het me ook erg veel moeite om in dat jaar de focus op 'gezond en fit' te leggen. Alsof mijn lichaam het enige litteken was, het bewijs dat hij er echt was geweest.
- ... naar het gesmek en gehuil van een baby die honger heeft. Mijn baby. Mijn zoon.
- ... om alle 'ieniemieniekleertjes' te wassen, opnieuw en opnieuw! Ik heb nu een droogkast, laat maar komen!
- ... om het verlossende antwoordberichtje te krijgen. "Proficiat!! Yes, nooit meer zwanger nu!" Wat wens ik de zender van dat sms'je zo hard alle zwangerschapskwalen waar ik haar de laatste jaren mee bestookt heb toe. Met oneindig veel begrip en respect voor haar. Ze leerde me dat -nog geen moeder zijn- ook een verdomd lastig rouwproces is. Ik duim en bid en hoop!
- ... naar het verlossende gehuil. Wat ben ik bang, dat het uitblijft. Misschien hoor ik het zelfs niet, omdat ik zo in het moment vast zal zitten. En toch, laat maar komen!
- ... om bovenal terug gelukkig te zijn. Dat ben ik wel, maar ik ben niet gerust. Gewoon kunnen berusten in het gevoel compleet te zijn.
Al is compleet nooit echt nog compleet.
donderdag 28 augustus 2014
*zen*
Maandag start het eerste trimester. Een nieuw begin. Dit schooljaar betekent 1 september voor mij het doorspartelen van het derde trimester van mijn zwangerschap. Als ik nu nog eens mijn best kon doen om zeker een goed rapport te behalen.
Helaas, ik heb zelf niks in handen. Stress overmant mij, het is echt akelig. Natuurlijk had ik verwacht dat de laatste weken spannend zouden worden, maar deze angsten en onzekerheden had ik niet zien aankomen.
Al dagen heb ik kloppende hoofdpijn. Net als elke andere zwangere vrouw betekent de nacht nu plots het moment om oneindig veel te plassen en te piekeren. Hoofdpijn en vermoeidheid dus, die twee versterken mekaar vrees ik. Ik probeer rust te vinden, maar dat lukt me gewoon niet. Mijn hart bonkt de hele dag door. Energiepeil staat dicht bij nul, zorgen voor mijn allergrootste schat is nu zelfs heel moeilijk. Wat voel ik me daardoor ook erg schuldig.
Niemand die mij kan verzekeren dat alles goed komt. De echo's en consultaties, waar ik wel steeds naar uitkijk (en nog nerveuzer door word), kunnen mij nooit echt geruststellen. "De vorige keer" was alles altijd goed and in the end... dat verhaal kennen we.
Boeken lezen lukt me niet goed, die hoofdpijn zit dwars. Onlangs ben ik ook gestart met haken, dat begint wel een beetje te lukken. Eigenlijk is dat het enige wat mijn hoofd tegenwoordig wat leeg maakt, steken tellen.
5 vaste steken - 4 losse - 2 halve vaste- een stokje - een half stokje...
36 weken en 1 dag ben ik nu zwanger. Dat betekent dat het geen volle vier weken meer zijn tot mijn uitgerekende dag. En zo ben ik opnieuw aan het tellen.
Op- en aftellen. Elke dag.
Zou tellen een vorm van yoga zijn?
Helaas, ik heb zelf niks in handen. Stress overmant mij, het is echt akelig. Natuurlijk had ik verwacht dat de laatste weken spannend zouden worden, maar deze angsten en onzekerheden had ik niet zien aankomen.
Al dagen heb ik kloppende hoofdpijn. Net als elke andere zwangere vrouw betekent de nacht nu plots het moment om oneindig veel te plassen en te piekeren. Hoofdpijn en vermoeidheid dus, die twee versterken mekaar vrees ik. Ik probeer rust te vinden, maar dat lukt me gewoon niet. Mijn hart bonkt de hele dag door. Energiepeil staat dicht bij nul, zorgen voor mijn allergrootste schat is nu zelfs heel moeilijk. Wat voel ik me daardoor ook erg schuldig.
Niemand die mij kan verzekeren dat alles goed komt. De echo's en consultaties, waar ik wel steeds naar uitkijk (en nog nerveuzer door word), kunnen mij nooit echt geruststellen. "De vorige keer" was alles altijd goed and in the end... dat verhaal kennen we.
Boeken lezen lukt me niet goed, die hoofdpijn zit dwars. Onlangs ben ik ook gestart met haken, dat begint wel een beetje te lukken. Eigenlijk is dat het enige wat mijn hoofd tegenwoordig wat leeg maakt, steken tellen.
5 vaste steken - 4 losse - 2 halve vaste- een stokje - een half stokje...
36 weken en 1 dag ben ik nu zwanger. Dat betekent dat het geen volle vier weken meer zijn tot mijn uitgerekende dag. En zo ben ik opnieuw aan het tellen.
Op- en aftellen. Elke dag.
Zou tellen een vorm van yoga zijn?
zondag 8 juni 2014
Als en slechts dan als
Ondertussen 25 weken zwanger. 'Fjiew'!
Maar wat een tegenstrijdig gevoel besluipt mij soms. Ook al is de baby heel (heel erg!!) zichtbaar onderweg, het lijkt voor mij een eeuwige utopie.
Dat we stilaan echt ons huis terug babyproof moeten maken, dat is zo moeilijk. De baby is uiteraard ongelooflijk welkom. Maar het wiskundige 'als en slechts dan als'-gevoel neemt zo vaak de bovenhand.
Als de baby er is, dan...
Als de baby gezond is, dan...
Als Vasco dan een broer heeft, dan ...
Als we dan thuis zijn met onze baby, dan...
Eerst zien en dan geloven, zo is het. Misschien is dat wel het moeilijkste aan deze zwangerschap: niet kunnen geloven dat het deze keer wel goed kan gaan. Onze zoon schopt er meer en meer op los, en zelfs dat kan mij heel moeilijk sussen.
Nog nooit was ik in de zwangerschap zo blij om 's nachts wakker te liggen en geweld in mijn buik te voelen. Nog nooit zal ik zo blij zijn geweest om onderbroken nachten te hebben. Een baby die huilt en ons roept, dat gevoel kregen we de vorige keer niet.
Als en slechts dan als...
Maar wat een tegenstrijdig gevoel besluipt mij soms. Ook al is de baby heel (heel erg!!) zichtbaar onderweg, het lijkt voor mij een eeuwige utopie.
Dat we stilaan echt ons huis terug babyproof moeten maken, dat is zo moeilijk. De baby is uiteraard ongelooflijk welkom. Maar het wiskundige 'als en slechts dan als'-gevoel neemt zo vaak de bovenhand.
Als de baby er is, dan...
Als de baby gezond is, dan...
Als Vasco dan een broer heeft, dan ...
Als we dan thuis zijn met onze baby, dan...
Eerst zien en dan geloven, zo is het. Misschien is dat wel het moeilijkste aan deze zwangerschap: niet kunnen geloven dat het deze keer wel goed kan gaan. Onze zoon schopt er meer en meer op los, en zelfs dat kan mij heel moeilijk sussen.
Nog nooit was ik in de zwangerschap zo blij om 's nachts wakker te liggen en geweld in mijn buik te voelen. Nog nooit zal ik zo blij zijn geweest om onderbroken nachten te hebben. Een baby die huilt en ons roept, dat gevoel kregen we de vorige keer niet.
Als en slechts dan als...
dinsdag 6 mei 2014
Veerkracht
Je kan blijven baantjes trekken in het ondiepe. Heen en weer terug. Wie niet springt, leert nooit zwemmen. We sprongen, heel diep! Ongeveer een jaar na Scotts geboorte ben ik opnieuw zwanger geworden.
De eerste weken verliepen opnieuw verschrikkelijk. Alles voelde voor mij meteen als een heel herkenbare zwangerschap; het woord 'braken' vat alles samen. Momenteel ben ik (al) twintig weken in 'blijde' verwachting van onze derde spruit. Zoals verwacht komt de angst vaak eens op bezoek. Weeën kun je wegpuffen, maar dit... Ach, de kwaaltjes lijken minder erg dan de vorige keren. Al zeur en klaag ik de dagen soms eens vol. Mag het?
Hoe hebben we dit in hemelsnaam nogmaals aangedurfd? Dat vraag ik me nu elke dag af. Gelukkig bestaat er geen 'rewindknop', ik drukte hem zeker tientallen keren in. We zitten er in en er bestaat maar één weg: die van de hoop en de toekomst.
Stilaan vermoed ik dat hoe dieper je valt, hoe hoger je terug kan vliegen. Misschien val je nog eens, maar dan weet je hoe je je vleugels weer moet openslaan. Zou dat het zijn? De ervaring van de tegenslag die de weg naar het geluk zichtbaar maakt?
De veerkracht, het naar beneden dwarrelen en weer voorzichtig opgeworpen worden, is wellicht mijn grote bron van herstel bij ons verlies. Je past je aan, je zet door, raapt de brokstukken op en knutselt het tot een geheel, een nieuw weliswaar. Je veert verder, ups and downs. Zo gaat het en niet anders. Hoe lichter je bent, hoe gemakkelijker het gaat.
Lucht en lacht. Zo las ik het in onderstaand gedicht. Bedankt Geert De Kockere, vaak verwoord je de onuitspreekbare dingen op zo'n heldere manier.
Sommigen reizen
met het verleden op hun rug.
Als een zware rugzak
die ze voortdurend opendoen.
Om te zien of alles
er nog wel is.
Ze komen nauwelijks vooruit.
Reis licht.
En lucht.
En lacht.
Dat veert zoveel mooier.
En verder
G. De Kockere
De eerste weken verliepen opnieuw verschrikkelijk. Alles voelde voor mij meteen als een heel herkenbare zwangerschap; het woord 'braken' vat alles samen. Momenteel ben ik (al) twintig weken in 'blijde' verwachting van onze derde spruit. Zoals verwacht komt de angst vaak eens op bezoek. Weeën kun je wegpuffen, maar dit... Ach, de kwaaltjes lijken minder erg dan de vorige keren. Al zeur en klaag ik de dagen soms eens vol. Mag het?
Hoe hebben we dit in hemelsnaam nogmaals aangedurfd? Dat vraag ik me nu elke dag af. Gelukkig bestaat er geen 'rewindknop', ik drukte hem zeker tientallen keren in. We zitten er in en er bestaat maar één weg: die van de hoop en de toekomst.
Stilaan vermoed ik dat hoe dieper je valt, hoe hoger je terug kan vliegen. Misschien val je nog eens, maar dan weet je hoe je je vleugels weer moet openslaan. Zou dat het zijn? De ervaring van de tegenslag die de weg naar het geluk zichtbaar maakt?
De veerkracht, het naar beneden dwarrelen en weer voorzichtig opgeworpen worden, is wellicht mijn grote bron van herstel bij ons verlies. Je past je aan, je zet door, raapt de brokstukken op en knutselt het tot een geheel, een nieuw weliswaar. Je veert verder, ups and downs. Zo gaat het en niet anders. Hoe lichter je bent, hoe gemakkelijker het gaat.
Lucht en lacht. Zo las ik het in onderstaand gedicht. Bedankt Geert De Kockere, vaak verwoord je de onuitspreekbare dingen op zo'n heldere manier.
Sommigen reizen
met het verleden op hun rug.
Als een zware rugzak
die ze voortdurend opendoen.
Om te zien of alles
er nog wel is.
Ze komen nauwelijks vooruit.
Reis licht.
En lucht.
En lacht.
Dat veert zoveel mooier.
En verder
G. De Kockere
vrijdag 7 maart 2014
De kracht van het leven
Zaterdag 9 maart 2013 begon de jeugdboekenweek.
Na twee nachten op hotel in Brugge dicht bij onze Scott te hebben 'gewaakt', keerden we terug huiswaarts voor wat qualitytime met Vasco!
Het gevoel dat mij die voormiddag overviel, kan ik heel moeilijk in woorden vatten. Vasco was zo blij dat mama en papa er terug waren. Enthousiast huppelde hij de voor de gelegenheid opgestelde donkere tunnel van de kinderhoek in de bib binnen. Verwondering alom. David genoot ook zichtbaar van de verstrooiing.
De donkere tunnel ben ik toen niet door gewandeld (later die dag wel). Ik voelde me niet goed. Ik herinner me dat David enigszins wat gepikeerd was dat ik nu niet voor een keer op 'mijn tanden kon bijten'. Maar ik voelde iets wat ik niet kon plaatsen. Verdwaasd liep ik de bibliotheek uit en snelde naar de auto.
Meteen belde ik naar Brugge, voor een update. Aan de telefoon hoorde ik een nogal stamelende verpleegster van Scott. Die morgen had ze mijn kleine schat al twee keer moeten bijblazen met de ballon. Hij stopte dus af en toe met ademen. Zonder aarzelen belde ik vastbesloten mijn zus op. Deze middag moest ze op Vasco letten. Wij moesten dringend naar Brugge, hoe vlugger hoe liever.
Alsof ik me in een soort roes van koelbloedigheid bevond, wachtte ik op mijn twee mannen die terug keerden uit hun magische boekenwereld. David stapte in de auto. Ik zei dat we direct naar Brugge moesten en dat alles al geregeld was. Hij stelde mijn beslissing niet in vraag. Las hij mee in mijn ogen? De motor startte en we begonnen onze moeilijkste reis ooit.
Rond twee uur in de namiddag bereikten we de afdeling. Tien weken vol flashbacks. Scott lag nog steeds in een afgezonderde ruimte, omwille van zijn 'influenzabeestjes'. De dokter van wacht kwam bij ons voor een stand van zaken. Maar ik wist het al, hij toen nog niet.
Tijdens zijn relaas van de voormiddag, gebeurde het opnieuw. Scott kreeg een aanval: zijn saturatie zakte gevaarlijk weg, hartslag naar beneden, blauw wegtrekken. De arts nam meteen de ballon en bracht onze jongen toen al van ver terug. Nog geen tien minuten later herhaalde dit tafereel zich. We stonden erbij en keken ernaar. De arts sleurde ons uit het kleine kamertje. Ik hoorde hem de verpleger nog bevelen om het intubatiemateriaal klaar te leggen. Wat die dokter ons toen allemaal vertelde, zou ik niet meer kunnen navertellen. Ik luisterde niet, maar toch gaf zijn uitleg mij vertrouwen. Dat dit goed was. De beslissing was ook niet aan ons. Zijn job om op zo'n moment een juiste ethische keuze te maken. Vanaf dat moment had iemand het ons ook duidelijk gezegd: Scott wil vertrekken en wij laten hem nu gaan. De aalmoezenier werd opgebeld, ik wilde echt heel graag mijn zoontje nog dopen. Even later stonden wij rond zijn bedje en doopten hem heel sober. Als hij dan toch moest gaan, dan met het vertrouwen dat 'God' over hem en over ons waakt. Voor de eerste keer in mijn leven, was dat toen écht belangrijk.
Koelbloedig was ik toen niet meer. De verpleger haalde Scott uit zijn bedje. Hoe lang dit zou duren, kon niemand voorspellen. David nam hem in zijn armen. Nog geen kwartier later kreeg ons kindje opnieuw een aanval. Dit keer ook duidelijk af te lezen op de monitor van zijn hersenactiviteit. Scott deed epileptische aanvallen, een nieuw symptoom.
David wiegde hem heel knus en ik zat er heel dichtbij. Alsof dat belangrijk was, stond ik daar als een dwaas nog wat foto's te nemen. Geen ballon deze keer. Alle draadjes werden losgekoppeld. De dokter stond heel de tijd aan onze zijde.
Ik wilde niet dat hij pijn had en dus spoot de dokter nog 'iets' in via zijn infuus. Toen ging hij gewoon weg. De dood was nog nooit zo dichtbij geweest voor mij. Alsof het leven hem nog eenmaal terugriep, slaakte hij een laatste zucht. Daarna was het doodstil. Wij verpoosden eventjes in een kamer die voor ons was vrijgehouden. Ondertussen namen ze een huidbiopt van Scott. Ook na zijn dood was verder onderzoek belangrijk. Scott werd van alle draadjes verlost en eigenlijk ook van zijn niet te winnen strijd.
Terug in zijn isoleercelletje kon ik het niet geloven. Enkel nog een lichaam. De verpleger ging Scott toen wassen. Heel menselijk en met veel oor naar onze wensen werden wij op de beste manier bijgestaan in dit afscheid. Samen namen we afdrukken van zijn handen en voetjes.We besloten hem zelf niet te wassen, maar toe te kijken. Hij kreeg een blauw pyjamaatje aan, gelukkig hadden ze er ergens eentje. Scott was immers een baby van tien weken oud. Hij rook lekker en voelde nog niet echt koud aan.
De dokter kwam terug binnen. Ik blokkeerde en wilde Scott niet meer in mijn armen. Hij verplichtte me enigszins en wilde niet dat ik ooit spijt kreeg. Ongelooflijk dankbaar ben ik dat een zorgverlener op zo'n moment denkt in jouw plaats. Wat zou ik inderdaad spijt gehad hebben. Diezelfde dag, slechts twee uur later stond de aalmoezenier daar terug. Hij had geen woorden voor ons. Zijn stilte was wat wij wilden horen. Een lakentje werd mooi over mijn kindje gedrapeerd. Het zou tot maandag duren dat ik hem terug kon zien. Prachtig opgebaard in het Supermanpakje van zijn broer.
Voorafgaand aan zijn begrafenis, spraken we een paar keer met pater Boni. Je kunt het de grootste onzin vinden, maar bij zo iemand vind je het grootste luisterend oor. Hij kwam ook niet af met 'God heeft dit gewild'. Ik vertelde hem over hoe ik voelde dat Scott mij riep, alsof hij vroeg om bij hem te zijn en afscheid te nemen. De kracht van het leven en de verbondenheid, dat was het antwoord. Dit gevoel heeft mij versterkt, het draagt mij verder. Het leven verbindt ons en er is een soort kracht die heel diep gaat. Ik heb het gevoeld, echt.
Ik eindig met een citaat van J. Rietberg:
Zijn dood zal ik altijd betreuren, zijn leven heeft mij verrijkt.
Na twee nachten op hotel in Brugge dicht bij onze Scott te hebben 'gewaakt', keerden we terug huiswaarts voor wat qualitytime met Vasco!
Het gevoel dat mij die voormiddag overviel, kan ik heel moeilijk in woorden vatten. Vasco was zo blij dat mama en papa er terug waren. Enthousiast huppelde hij de voor de gelegenheid opgestelde donkere tunnel van de kinderhoek in de bib binnen. Verwondering alom. David genoot ook zichtbaar van de verstrooiing.
De donkere tunnel ben ik toen niet door gewandeld (later die dag wel). Ik voelde me niet goed. Ik herinner me dat David enigszins wat gepikeerd was dat ik nu niet voor een keer op 'mijn tanden kon bijten'. Maar ik voelde iets wat ik niet kon plaatsen. Verdwaasd liep ik de bibliotheek uit en snelde naar de auto.
Meteen belde ik naar Brugge, voor een update. Aan de telefoon hoorde ik een nogal stamelende verpleegster van Scott. Die morgen had ze mijn kleine schat al twee keer moeten bijblazen met de ballon. Hij stopte dus af en toe met ademen. Zonder aarzelen belde ik vastbesloten mijn zus op. Deze middag moest ze op Vasco letten. Wij moesten dringend naar Brugge, hoe vlugger hoe liever.
Alsof ik me in een soort roes van koelbloedigheid bevond, wachtte ik op mijn twee mannen die terug keerden uit hun magische boekenwereld. David stapte in de auto. Ik zei dat we direct naar Brugge moesten en dat alles al geregeld was. Hij stelde mijn beslissing niet in vraag. Las hij mee in mijn ogen? De motor startte en we begonnen onze moeilijkste reis ooit.
Rond twee uur in de namiddag bereikten we de afdeling. Tien weken vol flashbacks. Scott lag nog steeds in een afgezonderde ruimte, omwille van zijn 'influenzabeestjes'. De dokter van wacht kwam bij ons voor een stand van zaken. Maar ik wist het al, hij toen nog niet.
Tijdens zijn relaas van de voormiddag, gebeurde het opnieuw. Scott kreeg een aanval: zijn saturatie zakte gevaarlijk weg, hartslag naar beneden, blauw wegtrekken. De arts nam meteen de ballon en bracht onze jongen toen al van ver terug. Nog geen tien minuten later herhaalde dit tafereel zich. We stonden erbij en keken ernaar. De arts sleurde ons uit het kleine kamertje. Ik hoorde hem de verpleger nog bevelen om het intubatiemateriaal klaar te leggen. Wat die dokter ons toen allemaal vertelde, zou ik niet meer kunnen navertellen. Ik luisterde niet, maar toch gaf zijn uitleg mij vertrouwen. Dat dit goed was. De beslissing was ook niet aan ons. Zijn job om op zo'n moment een juiste ethische keuze te maken. Vanaf dat moment had iemand het ons ook duidelijk gezegd: Scott wil vertrekken en wij laten hem nu gaan. De aalmoezenier werd opgebeld, ik wilde echt heel graag mijn zoontje nog dopen. Even later stonden wij rond zijn bedje en doopten hem heel sober. Als hij dan toch moest gaan, dan met het vertrouwen dat 'God' over hem en over ons waakt. Voor de eerste keer in mijn leven, was dat toen écht belangrijk.
Koelbloedig was ik toen niet meer. De verpleger haalde Scott uit zijn bedje. Hoe lang dit zou duren, kon niemand voorspellen. David nam hem in zijn armen. Nog geen kwartier later kreeg ons kindje opnieuw een aanval. Dit keer ook duidelijk af te lezen op de monitor van zijn hersenactiviteit. Scott deed epileptische aanvallen, een nieuw symptoom.
David wiegde hem heel knus en ik zat er heel dichtbij. Alsof dat belangrijk was, stond ik daar als een dwaas nog wat foto's te nemen. Geen ballon deze keer. Alle draadjes werden losgekoppeld. De dokter stond heel de tijd aan onze zijde.
Ik wilde niet dat hij pijn had en dus spoot de dokter nog 'iets' in via zijn infuus. Toen ging hij gewoon weg. De dood was nog nooit zo dichtbij geweest voor mij. Alsof het leven hem nog eenmaal terugriep, slaakte hij een laatste zucht. Daarna was het doodstil. Wij verpoosden eventjes in een kamer die voor ons was vrijgehouden. Ondertussen namen ze een huidbiopt van Scott. Ook na zijn dood was verder onderzoek belangrijk. Scott werd van alle draadjes verlost en eigenlijk ook van zijn niet te winnen strijd.
Terug in zijn isoleercelletje kon ik het niet geloven. Enkel nog een lichaam. De verpleger ging Scott toen wassen. Heel menselijk en met veel oor naar onze wensen werden wij op de beste manier bijgestaan in dit afscheid. Samen namen we afdrukken van zijn handen en voetjes.We besloten hem zelf niet te wassen, maar toe te kijken. Hij kreeg een blauw pyjamaatje aan, gelukkig hadden ze er ergens eentje. Scott was immers een baby van tien weken oud. Hij rook lekker en voelde nog niet echt koud aan.
De dokter kwam terug binnen. Ik blokkeerde en wilde Scott niet meer in mijn armen. Hij verplichtte me enigszins en wilde niet dat ik ooit spijt kreeg. Ongelooflijk dankbaar ben ik dat een zorgverlener op zo'n moment denkt in jouw plaats. Wat zou ik inderdaad spijt gehad hebben. Diezelfde dag, slechts twee uur later stond de aalmoezenier daar terug. Hij had geen woorden voor ons. Zijn stilte was wat wij wilden horen. Een lakentje werd mooi over mijn kindje gedrapeerd. Het zou tot maandag duren dat ik hem terug kon zien. Prachtig opgebaard in het Supermanpakje van zijn broer.
Voorafgaand aan zijn begrafenis, spraken we een paar keer met pater Boni. Je kunt het de grootste onzin vinden, maar bij zo iemand vind je het grootste luisterend oor. Hij kwam ook niet af met 'God heeft dit gewild'. Ik vertelde hem over hoe ik voelde dat Scott mij riep, alsof hij vroeg om bij hem te zijn en afscheid te nemen. De kracht van het leven en de verbondenheid, dat was het antwoord. Dit gevoel heeft mij versterkt, het draagt mij verder. Het leven verbindt ons en er is een soort kracht die heel diep gaat. Ik heb het gevoeld, echt.
Ik eindig met een citaat van J. Rietberg:
Zijn dood zal ik altijd betreuren, zijn leven heeft mij verrijkt.
vrijdag 7 februari 2014
Wereldwonder
Morgen wordt Vasco drie jaar. Ik herinner me zijn bevalling nog erg levendig. Ik was bijna 42 weken zwanger en hij kwam niet. Op de tiende dag na uitgerekende datum moest ik naar het ziekenhuis. De weeën werden opgewekt. Wat volgde waren 19 uitputtende uren waarvan drie op de verlostafel zelf.
Maar daar was hij dan, onze zoon! 4.350 gram en 54 cm. Het kon toen al niet anders dat een volgend kind vlot de uitgang zou bereiken, en inderdaad!
Wat ben ik toch zo blij met Vasco. Toen besefte ik het nog niet ten volle. Hij is ons wereldwonder. Nu ik een tweede keer moeder ben geworden, ben ik ook een 'betere moeder' voor hem. Voorheen kon ik ook echt meer opzien tegen de lastige momenten van het ouderschap. Het hele slaapritueel. De woedeaanvalletjes. De smerige eettaferelen. De vieze pampergeurtjes.
Nu vertrekken wij bijna elke avond met z'n drieën richting slaapkamer, dat doen we vaak in een fanfare. Dat vindt onze superman geweldig. Ik lees met plezier twee of drie boeken voor. Elke avond kruip ik dan nog vijf minuutjes bij hem in bed. Ik kijk, luister en snuif zijn geur, want ik wil nooit spijt hebben dat ik dat te weinig deed. Ik zegen hem met een 'God zegent je en God bewaart je'.
Voor ik zelf ga slapen, check ik hem nog even. Zien of hij rustig slaapt, maar eigenlijk check ik ook of hij ademt en niet ijskoud voelt en blauw ziet. Want dat beeld blijft altijd hangen. David doet het ook, misschien om dezelfde reden?
Minstens drie keer per dag zeg ik mijn zalige peuter dat ik hem graag zie. Tot vervelens toe voor hem misschien. Maar hij moet het heel goed weten. Deze liefde is onvoorwaardelijk en tot over de dood heen. Ja, dat kan ik weten.
Gelukkige derde verjaardag kleine vent. IK ZIE JE GRAAG!
Maar daar was hij dan, onze zoon! 4.350 gram en 54 cm. Het kon toen al niet anders dat een volgend kind vlot de uitgang zou bereiken, en inderdaad!
Wat ben ik toch zo blij met Vasco. Toen besefte ik het nog niet ten volle. Hij is ons wereldwonder. Nu ik een tweede keer moeder ben geworden, ben ik ook een 'betere moeder' voor hem. Voorheen kon ik ook echt meer opzien tegen de lastige momenten van het ouderschap. Het hele slaapritueel. De woedeaanvalletjes. De smerige eettaferelen. De vieze pampergeurtjes.
Nu vertrekken wij bijna elke avond met z'n drieën richting slaapkamer, dat doen we vaak in een fanfare. Dat vindt onze superman geweldig. Ik lees met plezier twee of drie boeken voor. Elke avond kruip ik dan nog vijf minuutjes bij hem in bed. Ik kijk, luister en snuif zijn geur, want ik wil nooit spijt hebben dat ik dat te weinig deed. Ik zegen hem met een 'God zegent je en God bewaart je'.
Voor ik zelf ga slapen, check ik hem nog even. Zien of hij rustig slaapt, maar eigenlijk check ik ook of hij ademt en niet ijskoud voelt en blauw ziet. Want dat beeld blijft altijd hangen. David doet het ook, misschien om dezelfde reden?
Minstens drie keer per dag zeg ik mijn zalige peuter dat ik hem graag zie. Tot vervelens toe voor hem misschien. Maar hij moet het heel goed weten. Deze liefde is onvoorwaardelijk en tot over de dood heen. Ja, dat kan ik weten.
Gelukkige derde verjaardag kleine vent. IK ZIE JE GRAAG!
donderdag 30 januari 2014
Je naam
Gedichtendag 2014, ode aan
Je naam
Ik noem je naam,
vandaag, morgen,
volgend jaar.
Ik roep je vaak, zo hard
ik wil. Ik schreeuw je
van de daken.
Ik huil, raas, fluister,
aarzel, stotter, stapel,
schater, zoen en zing je naam.
Vallende blaadjes wapperen
je naam. Vogelveertjes
ritselen je naam.
Wolken zwiepen hem mee. In leeuwenkuilen,
muizenholen, op de bodem van de zee:
je naam.
Regendruppels drinken hem op weg
naar de oceaan. Ook de maan knipoogt
's avonds laat jouw naam.
En door het raam, tegen vergeten,
schijnt als een nieuwe ster in neonletters
aan de lucht hoe je altijd zult heten.
uit Waar ik ben van Diets Groot huis
Je naam
Ik noem je naam,
vandaag, morgen,
volgend jaar.
Ik roep je vaak, zo hard
ik wil. Ik schreeuw je
van de daken.
Ik huil, raas, fluister,
aarzel, stotter, stapel,
schater, zoen en zing je naam.
Vallende blaadjes wapperen
je naam. Vogelveertjes
ritselen je naam.
Wolken zwiepen hem mee. In leeuwenkuilen,
muizenholen, op de bodem van de zee:
je naam.
Regendruppels drinken hem op weg
naar de oceaan. Ook de maan knipoogt
's avonds laat jouw naam.
En door het raam, tegen vergeten,
schijnt als een nieuwe ster in neonletters
aan de lucht hoe je altijd zult heten.
uit Waar ik ben van Diets Groot huis
zaterdag 4 januari 2014
Sneeuwtapijt
Zo dun als sneeuw gaat liggen, zo vol zijn de herinneringen aan onze tijd met hem.
Seizoen Scott, zo voelt de winter vanaf nu.
Wat was het toch koud. Nog nooit had ik hier zoveel sneeuw beleefd.
Weken trotseerden we gladde en vaak onberijdbare wegen. Een keer was het zo erg dat we vast kwamen te zitten met de auto. Buurmannen groeven ons uit. Wie neemt nu ook de auto in zo'n weer?
Pas op 9 maart verscheen een streepje zon, maar het bleef ijzig koud en stil.
De winter wordt nu altijd moeilijk, het verlangen naar de lente nog groter.
We vullen hem met liefde, verdriet en warme herinneringen aan ijskoude dagen.
Voor mij graag een pakje sneeuw nu, waar ik me heerlijk zacht in kan ploffen!
Winterdroom
Voorzichtig dwarrelend
naar beneden
om dan even te verpozen.
Opgeraapt te worden,
geliefkoosd en
geboetseerd
tot ieders verbeelding.
Een sneeuwvlokje
als bouwsteen van een droom.
Helaas
sneeuw smelt.
Seizoen Scott, zo voelt de winter vanaf nu.
Wat was het toch koud. Nog nooit had ik hier zoveel sneeuw beleefd.
Weken trotseerden we gladde en vaak onberijdbare wegen. Een keer was het zo erg dat we vast kwamen te zitten met de auto. Buurmannen groeven ons uit. Wie neemt nu ook de auto in zo'n weer?
Pas op 9 maart verscheen een streepje zon, maar het bleef ijzig koud en stil.
De winter wordt nu altijd moeilijk, het verlangen naar de lente nog groter.
We vullen hem met liefde, verdriet en warme herinneringen aan ijskoude dagen.
Voor mij graag een pakje sneeuw nu, waar ik me heerlijk zacht in kan ploffen!
Winterdroom
Voorzichtig dwarrelend
naar beneden
om dan even te verpozen.
Opgeraapt te worden,
geliefkoosd en
geboetseerd
tot ieders verbeelding.
Een sneeuwvlokje
als bouwsteen van een droom.
Helaas
sneeuw smelt.
zondag 15 december 2013
Niet-verjaardagsfeest
We zijn bijna een jaar later. Het niet-verjaardagsfeest loert al even om het hoekje, 29 december 2013.
Ik kijk er wel en niet tegenop. Laat het maar gebeuren, dan hebben we dat eindelijk gehad. Anderzijds kruipt het willens nillens in mijn hoofd: hoe vullen we die dag in?
Kort na Scotts overlijden plande ik al een soort feest voor de negentwintigste van de twaalfde, in mijn hoofd. Op dit moment zou ik die dag liever niemand horen noch zien, behalve mijn gezin. Als het even kan, trek ik er met hen graag op uit. Even uitwaaien aan zee? Opwarmen met een choco en een taartje met denkbeeldig kaarsje? Een bezoekje aan Scotts graf? Zoiets is het voorlopig, in mijn hoofd.
Rouwen is een raar beest, maar je mag er niet bang van zijn denk ik. Soms komt ie binnen in je huis en dan aai je hem best even. Jaag hem niet weg, want dan komt hij nog meer janken aan je venster!
Ik kijk er wel en niet tegenop. Laat het maar gebeuren, dan hebben we dat eindelijk gehad. Anderzijds kruipt het willens nillens in mijn hoofd: hoe vullen we die dag in?
Kort na Scotts overlijden plande ik al een soort feest voor de negentwintigste van de twaalfde, in mijn hoofd. Op dit moment zou ik die dag liever niemand horen noch zien, behalve mijn gezin. Als het even kan, trek ik er met hen graag op uit. Even uitwaaien aan zee? Opwarmen met een choco en een taartje met denkbeeldig kaarsje? Een bezoekje aan Scotts graf? Zoiets is het voorlopig, in mijn hoofd.
Rouwen is een raar beest, maar je mag er niet bang van zijn denk ik. Soms komt ie binnen in je huis en dan aai je hem best even. Jaag hem niet weg, want dan komt hij nog meer janken aan je venster!
donderdag 12 december 2013
Altijd een kind te kort
"Oei, ik groei" was mijn bijbel bij de eerste maanden met Vasco. Wanneer je de pedalen dreigt te verliezen, lees je wel tien getuigenissen van moeders die hetzelfde voor hebben. En het komt altijd weer goed, het behoort tot de normale ontwikkeling. Als je een kind verliest, sta je er alleen voor. Meer en meer realiseer ik me dat er mij nagenoeg geen zwemboeien werden aangereikt. Niet van mijn gynaecoloog, niet vanuit het ziekenhuis. Alleen mijn huisarts vraagt bij elke consultatie hoe het gaat. Zwemmen of verzuipen dus.
Tot ik enkele weken geleden pardoes op het internet viel op dit boek: 'Altijd een kind te kort, handboek bij zwangerschap na babysterfte.'
Ik hoor u denken: 'Is Jos zwanger?' Neen, helemaal niet.
Of ik daarmee bezig ben? Elke dag, elke minuut. Ons kind is weg, maar onze kinderwens niet. Wanneer ik het 'plan' te zijn? Een kind kopen dat doe je niet zomaar, en ik al helemaal niet meer.
Maar ik heb alvast een nieuwe bijbel, hij is goud waard! Jeanette Rietberg, helaas ervaringsdeskundige, schreef dit boek om andere moeders (en hun omgeving) een inspiratiebron te bieden. Een zwangerschap na babysterfte is geen normale zwangerschap. In het boek praat de auteur met negen moeders. Ze vertellen over hun angsten, hun moed om het opnieuw te durven en het steeds verder sluipende rouwproces. Ongelooflijk hoe herkenbaar dit allemaal voor mij is. Zo dankbaar ben ik dat zo'n gebeurtenissen mensen ertoe aanzet om plots zelf reddingsboei te worden. Bedankt, Jeanette. Ik weet nu al dat jouw boek mij 'draagt'. Het ligt op mijn nachtkastje. Soms weken onaangetast en dan slorp ik ineens hoofdstuk na hoofdstuk weer op.
Ik besluit met een citaat van Jane Warland (uit Altijd een kind te kort)
(You can't win me).
Je kunt het niet goed doen.
Als je me vraagt 'hoe gaat het met je' goedbedoeld en met sympathie in je stem. Dan antwoord ik: 'het gaat wel' en probeer ik je te ontlopen, want vandaag over mijn verlies praten is gewoon te pijnlijk.
Als je me ziet en het juist niet hebt over het verlies dat volledig mijn gedachten beheerst, dan denk ik dat het je niet kan schelen of dat je bang bent om het er over te hebben omdat het mij misschien van streek maakt.
Je kunt het niet goed doen.
Als je zegt: 'Het spijt me dat je baby overleden is' dan vind ik het moeilijk om daarop te antwoorden.
Wat verwacht je dat ik daarop zal zeggen?
Ik wil zeggen: 'Het spijt me ook' of 'Het is afschuwelijk'.
Maar toch zal ik dat niet doen want ik wil niet van streek raken vandaag, niet waar jij bij bent.
Dus ik antwoord: 'Dankjewel'.
Die dank betekent zoveel meer dan dat.
Het betekent dat ik je bedank dat je om me geeft, dat je me probeert te helpen en het betekent dat ik je bedank dat ik nog steeds verdriet heb.
En als je niet weet wat je moet zeggen dan is dat oké want ik weet ook niet wat ik tegen jou moet zeggen.
Als je me ziet glimlachen of lachen, ga er dan niet vanuit dat ik mijn baby op dat moment vergeten ben.
Dat ben ik niet, dat kan ik niet, en dat zal ik nooit.
Vertel me dat ik er goed uitzie vandaag.
Ik zal begrijpen hoe je het bedoelt.
Ik begin er goed in te raken om niet gesproken boodschappen van jou op te pikken.
Vandaag is misschien wel een jaardag voor me of is er misschien wel iets dat een golf aan rouw bij me veroorzaakt heeft.
Als je niets zegt dan zal ik denken dat je niet om me geeft maar als je wel iets zegt dan ga ik mij misschien wel vervelender voelen.
Je kunt proberen of ik erover wil praten maar wees niet verbaasd als ik nee zeg.
Je kunt het niet goed doen.
Geef alsjeblieft niet met mij op, geef niet op.
Ik heb behoefte aan je pogingen, hoe zwak of afgezaagd ze ook zijn.
Ik heb behoefte aan je medeleven.
Ik heb behoefte aan je gebed.
Ik heb behoefte aan je liefde.
Ik heb behoefte aan je volharding.
Ik heb daar allemaal behoefte aan maar nog meer wil ik als normaal worden behandeld, zoals het was voordat dit allemaal gebeurde.
Maar ik weet dat dit niet mogelijk is.
Die zorgeloze naïeve persoon is voor altijd verdwenen en ook dat verlies betreur ik.
Dus je kunt het niet goed doen.
Tot ik enkele weken geleden pardoes op het internet viel op dit boek: 'Altijd een kind te kort, handboek bij zwangerschap na babysterfte.'
Ik hoor u denken: 'Is Jos zwanger?' Neen, helemaal niet.
Of ik daarmee bezig ben? Elke dag, elke minuut. Ons kind is weg, maar onze kinderwens niet. Wanneer ik het 'plan' te zijn? Een kind kopen dat doe je niet zomaar, en ik al helemaal niet meer.
Maar ik heb alvast een nieuwe bijbel, hij is goud waard! Jeanette Rietberg, helaas ervaringsdeskundige, schreef dit boek om andere moeders (en hun omgeving) een inspiratiebron te bieden. Een zwangerschap na babysterfte is geen normale zwangerschap. In het boek praat de auteur met negen moeders. Ze vertellen over hun angsten, hun moed om het opnieuw te durven en het steeds verder sluipende rouwproces. Ongelooflijk hoe herkenbaar dit allemaal voor mij is. Zo dankbaar ben ik dat zo'n gebeurtenissen mensen ertoe aanzet om plots zelf reddingsboei te worden. Bedankt, Jeanette. Ik weet nu al dat jouw boek mij 'draagt'. Het ligt op mijn nachtkastje. Soms weken onaangetast en dan slorp ik ineens hoofdstuk na hoofdstuk weer op.
Ik besluit met een citaat van Jane Warland (uit Altijd een kind te kort)
(You can't win me).
Je kunt het niet goed doen.
Als je me vraagt 'hoe gaat het met je' goedbedoeld en met sympathie in je stem. Dan antwoord ik: 'het gaat wel' en probeer ik je te ontlopen, want vandaag over mijn verlies praten is gewoon te pijnlijk.
Als je me ziet en het juist niet hebt over het verlies dat volledig mijn gedachten beheerst, dan denk ik dat het je niet kan schelen of dat je bang bent om het er over te hebben omdat het mij misschien van streek maakt.
Je kunt het niet goed doen.
Als je zegt: 'Het spijt me dat je baby overleden is' dan vind ik het moeilijk om daarop te antwoorden.
Wat verwacht je dat ik daarop zal zeggen?
Ik wil zeggen: 'Het spijt me ook' of 'Het is afschuwelijk'.
Maar toch zal ik dat niet doen want ik wil niet van streek raken vandaag, niet waar jij bij bent.
Dus ik antwoord: 'Dankjewel'.
Die dank betekent zoveel meer dan dat.
Het betekent dat ik je bedank dat je om me geeft, dat je me probeert te helpen en het betekent dat ik je bedank dat ik nog steeds verdriet heb.
En als je niet weet wat je moet zeggen dan is dat oké want ik weet ook niet wat ik tegen jou moet zeggen.
Als je me ziet glimlachen of lachen, ga er dan niet vanuit dat ik mijn baby op dat moment vergeten ben.
Dat ben ik niet, dat kan ik niet, en dat zal ik nooit.
Vertel me dat ik er goed uitzie vandaag.
Ik zal begrijpen hoe je het bedoelt.
Ik begin er goed in te raken om niet gesproken boodschappen van jou op te pikken.
Vandaag is misschien wel een jaardag voor me of is er misschien wel iets dat een golf aan rouw bij me veroorzaakt heeft.
Als je niets zegt dan zal ik denken dat je niet om me geeft maar als je wel iets zegt dan ga ik mij misschien wel vervelender voelen.
Je kunt proberen of ik erover wil praten maar wees niet verbaasd als ik nee zeg.
Je kunt het niet goed doen.
Geef alsjeblieft niet met mij op, geef niet op.
Ik heb behoefte aan je pogingen, hoe zwak of afgezaagd ze ook zijn.
Ik heb behoefte aan je medeleven.
Ik heb behoefte aan je gebed.
Ik heb behoefte aan je liefde.
Ik heb behoefte aan je volharding.
Ik heb daar allemaal behoefte aan maar nog meer wil ik als normaal worden behandeld, zoals het was voordat dit allemaal gebeurde.
Maar ik weet dat dit niet mogelijk is.
Die zorgeloze naïeve persoon is voor altijd verdwenen en ook dat verlies betreur ik.
Dus je kunt het niet goed doen.
Labels:
altijdeenkindtekort,
baby,
bijbel,
rouwen,
verlies
maandag 18 november 2013
Af en toe is er een druppel
Alles loopt prima hier. Echt waar.
Ik aanvaard stilaan dat mijn verlies niet weggaat. Nooit. Vele maanden terug dacht ik nog dat zoiets 'overgaat'.
Mijn verdriet ligt als een mantel om mij heen. Dat is goed, daar neem ik vrede mee.
Om mij te raken, moet je door de mantel heen geraken. Ik geraak niet zo vlug meer van mijn stuk als voorheen. Tot ik natuurlijk het gevoel heb dat ze mij raken om te raken...
Ik schreef zonet deze mail, u zal zeker wel begrijpen!
Vriendelijke groeten
Josfien Demey
Ik aanvaard stilaan dat mijn verlies niet weggaat. Nooit. Vele maanden terug dacht ik nog dat zoiets 'overgaat'.
Mijn verdriet ligt als een mantel om mij heen. Dat is goed, daar neem ik vrede mee.
Om mij te raken, moet je door de mantel heen geraken. Ik geraak niet zo vlug meer van mijn stuk als voorheen. Tot ik natuurlijk het gevoel heb dat ze mij raken om te raken...
Ik schreef zonet deze mail, u zal zeker wel begrijpen!
Beste redactie (Jonge Ouders, Gezinsbond)
Na 12 maanden telkens uw tijdschrift ‘Jonge ouders’ prompt in de vuilnisbak
te gooien, heb ik er nu officieel genoeg van. Twee jaar terug las ik met
plezier u tijdschrift door, bij de geboorte van onze eerste zoon Vasco.
29 dec 2012 beviel ik van onze tweede zoon Scott, hij is op 09 maart 2013
overleden.
Ik ontvang nog steeds stipt elke maand uw tijdschrift. Elke maand word ik
dus ongewild geconfronteerd met mijn verlies, met hoe mijn kind nu had moeten
zijn.
In mijn nieuwe levenswandel vind ik uw tijdschrift nu ook een beetje te
veel ‘mainstream’ en allemaal rozengeur en maneschijn. Oké, heel leuk om als
ouder van een gewoon kind bevestigend te kunnen lezen dat de kleine schat goed
mee is met zijn ontwikkeling. Wat met alle ouders van een “niet-zo-normaal” kind
die ook elke maand ongewild kunnen lezen wat het kind allemaal nog niet kan? Of
zelfs nooit zal kunnen?
Ik weet niet hoe jullie de adressenlijst opstellen, maar misschien kan er
wat tijd en aandacht besteed worden aan het filteren. Ik ben vast niet de enige
moeder die haar kindje is verloren en ik vermoed dat ik dan zeker ook niet de
enige ben die de papierstapel hier thuis nog wat aansterkt. En wat dacht u van
toch zeker een keer een artikeltje over een mama die zo trots is dat haar kind
alsnog een mijlpaal bereikt die door zoveel mensen als vanzelfsprekend wordt
beschouwd?
Mijn excuses voor mijn directe stijl in deze mail. Maar u begrijpt dat uw
tijdschriftnummer “12 maanden” de emmer hier wat deed overlopen...
En voor de duidelijkheid, ik wens uw tijdschrift (hoe goed bedoeld het natuurlijk ook is) niet verder meer te ontvangen.
En voor de duidelijkheid, ik wens uw tijdschrift (hoe goed bedoeld het natuurlijk ook is) niet verder meer te ontvangen.
mama van Vasco en Scott (+)
dinsdag 24 september 2013
Ik ben ik en jij bent jij
Een lange tijd is voorbij gevlogen. Nu ik weer volop in mijn eigen leven sta, besef ik dat wij zo'n druk bestaan hebben dat er soms echt geen tijd is om stil te staan, na te denken, zelfs terug te blikken. Misschien goed ook, maar toch...
Onlangs vroeg iemand mijn man of de gebeurtenissen van het afgelopen jaar hem veranderd hebben. Wat een vraag! Niks is nog hetzelfde. Wij zijn andere mensen geworden. Soms ben ik echt dankbaar dat we dat samen zijn geworden. Samen is hier nu heel erg belangrijk. Elk zijn verdriet, maar wel samen verder."De vrouw die haar kindje is verloren." Wellicht wordt er bij momenten zo over mij gesproken. Dat is meteen ook die grote verandering, het onfortuinlijke label dat mijn naam nu draagt. Gelukkig ben ik veel meer dan die titel. Met heel veel courage trachtte ik de afgelopen maanden mijn leven terug in handen te nemen. Ups and downs. Al véél meer ups!
Toch elke dag, vaak niet lang, een stekende pijn. Iets als clusterhoofdpijn? Zoals die hoofdpijn opkomt bij spanning, komt mijn verdriet op bij een herinnering, een lied, een gebeurtenis of zelfs bij een bepaalde geur. Zo zag ik op onze sportdag in het EHBO-lokaal een beademingsballon liggen, meteen flitsten onthutsende ziekenhuisbeelden voorbij. Als in een film, alleen was het écht. Helaas geen verdovend goedje voor dit soort pijn.
Ik ben nu ik, omdat Scott was wie hij was. Als Scott gezond was geweest, was ik nu ook heel anders. Misschien was ik wel veel meer aan het zoeken. Nu zoek ik minder. Nu bèn ik. Die gedachte zoek ik op als het clusterverdriet er is.
Ik ben ik, jij bent jij en Scott was Scott.
Onlangs vroeg iemand mijn man of de gebeurtenissen van het afgelopen jaar hem veranderd hebben. Wat een vraag! Niks is nog hetzelfde. Wij zijn andere mensen geworden. Soms ben ik echt dankbaar dat we dat samen zijn geworden. Samen is hier nu heel erg belangrijk. Elk zijn verdriet, maar wel samen verder."De vrouw die haar kindje is verloren." Wellicht wordt er bij momenten zo over mij gesproken. Dat is meteen ook die grote verandering, het onfortuinlijke label dat mijn naam nu draagt. Gelukkig ben ik veel meer dan die titel. Met heel veel courage trachtte ik de afgelopen maanden mijn leven terug in handen te nemen. Ups and downs. Al véél meer ups!
Toch elke dag, vaak niet lang, een stekende pijn. Iets als clusterhoofdpijn? Zoals die hoofdpijn opkomt bij spanning, komt mijn verdriet op bij een herinnering, een lied, een gebeurtenis of zelfs bij een bepaalde geur. Zo zag ik op onze sportdag in het EHBO-lokaal een beademingsballon liggen, meteen flitsten onthutsende ziekenhuisbeelden voorbij. Als in een film, alleen was het écht. Helaas geen verdovend goedje voor dit soort pijn.
Ik ben nu ik, omdat Scott was wie hij was. Als Scott gezond was geweest, was ik nu ook heel anders. Misschien was ik wel veel meer aan het zoeken. Nu zoek ik minder. Nu bèn ik. Die gedachte zoek ik op als het clusterverdriet er is.
Ik ben ik, jij bent jij en Scott was Scott.
dinsdag 14 mei 2013
Moederdag
Moeder-dag.
Dat is een samenstelling, een woord bestaande uit twee woorden waarbij het ene iets meer zegt over het andere. Een dag voor de moeders dus. Een dag waarop een mama hoopt op een bloemetje en een geurtje. Appreciatie en dank voor haar oneindige inzet en liefde.
Hier wordt de dag toch nét dat tikkeltje anders. Geen verplicht nummertje graag. Wel een woordje vol lof van zoon en man, én een zoentje.
Vanaf nu wordt dit ook zijn dag. Mijn dankbaarheid om mama te kunnen zijn. Net even alle woorden van het voorbije jaar opnieuw gelezen. Een stapje terugzetten en erkennen wat voor geschenk moeder zijn eigenlijk is.
Vasco hoeft zich absoluut niet perfect te gedragen op onze dag. Hier geen nood aan een waanzinnig geschenk en een verplicht ontbijt. Ik moet alleen eens herinnerd worden aan wat voor een wonder ik heb gekregen.
Al leek jouw Moederdag misschien niet perfect, toch hoop ik dat je een gelukkig moment kon beleven. Immers geniet je van een immens voorrecht, iemand noemt je 'mama'.
Deze is voor mijn mama!
Dat is een samenstelling, een woord bestaande uit twee woorden waarbij het ene iets meer zegt over het andere. Een dag voor de moeders dus. Een dag waarop een mama hoopt op een bloemetje en een geurtje. Appreciatie en dank voor haar oneindige inzet en liefde.
Hier wordt de dag toch nét dat tikkeltje anders. Geen verplicht nummertje graag. Wel een woordje vol lof van zoon en man, én een zoentje.
Vanaf nu wordt dit ook zijn dag. Mijn dankbaarheid om mama te kunnen zijn. Net even alle woorden van het voorbije jaar opnieuw gelezen. Een stapje terugzetten en erkennen wat voor geschenk moeder zijn eigenlijk is.
Vasco hoeft zich absoluut niet perfect te gedragen op onze dag. Hier geen nood aan een waanzinnig geschenk en een verplicht ontbijt. Ik moet alleen eens herinnerd worden aan wat voor een wonder ik heb gekregen.
Al leek jouw Moederdag misschien niet perfect, toch hoop ik dat je een gelukkig moment kon beleven. Immers geniet je van een immens voorrecht, iemand noemt je 'mama'.
Deze is voor mijn mama!
Maman, c'est toi la plus belle du monde,
Aucune autre à la ronde,
N'est plus jolie que toi.
Tu as,pour moi,avoue que c'est étrange,
Le visage d'un ange; du paradis
Dans tous mes voyages
J'ai vu des paysages
Mais rien ne vaut l'image
De tes beaux cheveux gris.
Aucune autre à la ronde,
N'est plus jolie que toi.
Tu as,pour moi,avoue que c'est étrange,
Le visage d'un ange; du paradis
Dans tous mes voyages
J'ai vu des paysages
Mais rien ne vaut l'image
De tes beaux cheveux gris.
Luis Mariano
woensdag 8 mei 2013
Daa-ag
Als je denkt dat een tweejarige geen vat heeft op de dingen des levens, dan ben je goed mis.
'Mamaaaa, Tossje weg? Naar heeml?
Hij wees naar boven.
'Ja, Scottje is in de hemel. Hij is nu weg, voor altijd.
Zullen we eens zwaaien naar Scott?'
We zwaaiden. Hij vertelde hém over de vragwaag die hij net in de straat had gespot. Ook over zijn machieeene (aka een plastic beker met rijst in).
Mama slikte. Maar was blij met al die dingen. Stel je voor dat er een wereld zonder hemel was. Triest, toch?
'Mamaaaa, Tossje weg? Naar heeml?
Hij wees naar boven.
'Ja, Scottje is in de hemel. Hij is nu weg, voor altijd.
Zullen we eens zwaaien naar Scott?'
We zwaaiden. Hij vertelde hém over de vragwaag die hij net in de straat had gespot. Ook over zijn machieeene (aka een plastic beker met rijst in).
Mama slikte. Maar was blij met al die dingen. Stel je voor dat er een wereld zonder hemel was. Triest, toch?
Marc groet ‘s morgens de dingen
Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem
ploem ploem
dag stoel naast de tafel
dag brood op de tafel
dag visserke-vis met de pijp
en
dag visserke-vis met de pet
pet en pijp van het visserke-vis
goeiendag
Daa-ag vis
dag lieve vis
dag klein visselijn mijn
Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem
ploem ploem
dag stoel naast de tafel
dag brood op de tafel
dag visserke-vis met de pijp
en
dag visserke-vis met de pet
pet en pijp van het visserke-vis
goeiendag
Daa-ag vis
dag lieve vis
dag klein visselijn mijn
Paul van Ostaijen
dinsdag 30 april 2013
Afrit dromen
Alles krijgt een plaats in een leven, ook verdriet.
Aanvaarden dat iets tijd kost, is een belangrijke stap in het verwerken. Durven wenen. Durven stilstaan. Durven dromen over de toekomst ook.
Zo kwam ik daarnet terug in de gang van de materniteit. Een paar maanden terug was het loodzwaar die gang dagelijks helemaal door te lopen, tot op de afdeling neonatologie, het eindpunt. Vaak ervoer ik dat toen als een tunnel die ik door moest. Met als lichtpuntje op het einde, ons Scottje. Vandaag mocht ik eerder afslaan in de gang. Geen lichtpuntje meer aan het einde.
Maar wel een zonnestraaltje op de afslag, eentje met veel donker haar!
En ik weende en ik stond stil bij zo'n wonder. En ik droomde...
Misschien zit er ooit nog een afslag in voor ons! Ondertussen zoeven we verder op de snelweg van 't leven. Soms eens halt houdend. Binnenkort zelfs op een nieuwe fiets (mama dan) met ons grootste wonder achterop en ons lichtje in ons hart.
Aanvaarden dat iets tijd kost, is een belangrijke stap in het verwerken. Durven wenen. Durven stilstaan. Durven dromen over de toekomst ook.
Zo kwam ik daarnet terug in de gang van de materniteit. Een paar maanden terug was het loodzwaar die gang dagelijks helemaal door te lopen, tot op de afdeling neonatologie, het eindpunt. Vaak ervoer ik dat toen als een tunnel die ik door moest. Met als lichtpuntje op het einde, ons Scottje. Vandaag mocht ik eerder afslaan in de gang. Geen lichtpuntje meer aan het einde.
Maar wel een zonnestraaltje op de afslag, eentje met veel donker haar!
En ik weende en ik stond stil bij zo'n wonder. En ik droomde...
Misschien zit er ooit nog een afslag in voor ons! Ondertussen zoeven we verder op de snelweg van 't leven. Soms eens halt houdend. Binnenkort zelfs op een nieuwe fiets (mama dan) met ons grootste wonder achterop en ons lichtje in ons hart.
zaterdag 30 maart 2013
Koester
Lange tijd stond alles stil. De wereld, de klok, de kalender, ons leven.
Stilaan begin ik weer deel uit te maken van dit leven. Precies of ik voel me daar soms zelfs wat schuldig over.
Zoveel kaartjes gekregen vol mooie woorden. Veelal staat erop dat er geen woorden zijn voor dit verdriet. En dat is ook zo. De stilte op mijn blog is daar een mooi bewijs van.
Maar ik hou zo van woorden! Zelfs als ik ze moeilijk vind, ben ik ze bijna constant aan het zoeken. Misschien daarom dat ik hier na wat stilte terug beland?
Je kind begraven, dat doet zoveel pijn. Weet je waarom?
't Doet altijd pijn om afscheid te nemen. Afscheid nemen van een leven is terugblikken op, maar een kind... dat is een droom! Dromen hoor je niet te begraven. Die moet je koesteren. Laat dat dan maar mijn doel zijn. Die mooie droom van een mooie zoon blijven bewaren. Mijn leven lang.
De droom
Onder de boom
stond een bankje
en op het bankje
lag een droom.
Ik ging erop zitten,
op het bankje
onder de boom
en wiegde de droom.
Zachtjes in de wind
een droom van een kind.
en op het bankje
lag een droom.
Ik ging erop zitten,
op het bankje
onder de boom
en wiegde de droom.
Zachtjes in de wind
een droom van een kind.
Geert de Kockere
Abonneren op:
Posts (Atom)


